Wist je dat?
552 taalcombinaties en 72 tolken in één kamer
De Europese Unie heeft 24 officiële talen. Elke taal kan worden vertaald in de andere 23, wat resulteert in 552 mogelijke taalcombinaties.
Voor een vergadering van het Europees Parlement in alle 24 talen, zowel actief als passief, heeft de tolkendienst 72 tolken nodig: drie per cabine, vierentwintig cabines. Plenaire zittingen worden altijd in alle 24 talen getolkt.
De personeelsaantallen hierachter zijn institutioneel van omvang. Het vertaaldirectoraat van het Parlement heeft ongeveer 1.100 mensen in dienst, waarvan ruim 600 vertalers – een van de grootste werkgevers van vertalers ter wereld – naast ruim 270 tolken. De totale kosten voor vertalen en tolken bij alle EU-instellingen bedragen grofweg 1 miljard euro per jaar, wat neerkomt op iets meer dan 2 euro per EU-burger.
Zo groeide het in fasen. De vier oorspronkelijke talen leverden 12 combinaties op. Engels en Deens brachten het in 1973 op 30. Grieks in 1981, 42. Spaans en Portugees in 1986, 72. Fins en Zweeds in 1995, 110. Kroatisch in 2013 voltooide de huidige 24, en 552.
Niemand kan rechtstreeks 552 paren bemannen, dus werken de instellingen met een relaissysteem: een toespraak wordt eerst naar het Engels, Frans of Duits getolkt, en vervolgens daaruit in de overige talen.
De klok: en dat levert een klein, precies, bijna onzichtbaar feit over tijd op.
Simultaantolken loopt enkele seconden achter op de spreker. Bij relais gebeurt dat twee keer. Een zin die van de ene minder gebruikte taal naar de andere gaat, passeert onderweg een tweede taal en komt later aan dan dezelfde zin die in het Engels arriveert.
In een voltallige plenaire vergadering bereikt één en dezelfde zin dus niet iedereen in de zaal op hetzelfde moment. De vertraging bedraagt een seconde of twee, en is structureel.
Ondertussen is de instelling die dit allemaal beheert verspreid over drie tijdzones: Lissabon, Brussel en Helsinki liggen er allemaal in, met een uur verschil in elke richting. In 2019 stemde het Europees Parlement voor het afschaffen van het halfjaarlijks verzetten van de klok in de hele Unie. Vervolgens moesten de lidstaten het eens worden over welke tijd ze dan permanent zouden houden. Dat is nooit gebeurd, en de klok wordt nog steeds verzet.
Een organisatie die 552 taalcombinaties rondkreeg, maar het over één vraag over het uur niet eens kon worden.
Bronnen
- Europees Parlement, pagina's *Meertaligheid* en *Tolken* (24 officiële talen, 552 combinaties; 72 tolken voor een vergadering met 24 actieve/passieve talen, drie per cabine; plenaire zittingen altijd getolkt in alle 24 talen; circa 1.100 medewerkers van DG TRAD, ruim 600 vertalers; combinaties naarmate er talen bijkwamen: 30 in 1973, 42 in 1981, 72 in 1986, 110 in 1995, 552 in 2013)
- Briefing van de Onderzoeksdienst van het Europees Parlement (EPRS) (totale kosten voor vertaling en tolken ~1 miljard euro, minder dan 1% van de EU-begroting, iets meer dan 2 euro per burger; ruim 270 tolken)
- EPThinkTank (relaissysteem en werking)
- Berekening van de lengtegraad: Brussel 4,35°O, CET-meridiaan 15°O → ~43 minuten