De zon en de klok in Santiago de Cuba (2026)
Santiago de Cuba ligt op 75,8° westerlengte. De tijdzone, UTC−5, is afgestemd op de meridiaan van 75° W. Die twee vallen bijna samen: de zonnemiddag – het moment dat de zon het hoogst staat – valt rond 12:03, zo dicht bij de ware zonnetijd als een tijdzone van deze breedte toelaat. Tijdens de zomertijd gaat de klok 60 minuten vooruit; het verschil wordt dan 63 minuten en de zonnemiddag schuift op naar 13:03.
De langste dag van 2026 is 22 juni, met 13 u 21 min daglicht. De kortste is 22 december, met 10 u 55 min. Het verschil daartussen is 2 u 25 min. Binnen de tropen blijft de daglengte het hele jaar binnen een smalle marge.
De vroegste zonsopkomst en de laatste zonsondergang vallen niet op de langste dag. In Santiago de Cuba komt de zon het vroegst op op 1 november om 06:04, terwijl de laatste zonsondergang pas op 7 juli om 19:47 volgt. Dat komt door de tijdsvereffening: de elliptische baan van de aarde en de scheve aardas verschuiven de zonnemiddag in de loop van het jaar enkele minuten heen en weer.
Na zonsondergang blijft de lucht nog een tijd licht. In Santiago de Cuba duurt die burgerlijke schemering rond de equinox zo’n 22 minuten.
Alle waarden in dit deel zijn berekend uit de breedte, lengte en IANA-tijdzone van de plaats met de zonnealgoritmen van de NOAA (Spencer, 1971), tot op ongeveer ±2 boogminuten nauwkeurig onder 65° breedte.